Dit voorjaar is het weer PROEFTIJD!»
Geen betere plek om de koudste avond van deze winter door te brengen dan in de kleine zaal van het Zuidplein Theater. Waarom? Vanwege De Wereldband die zich daar kostelijk uitleefde onder de zeer toepasselijke noemer ‘Lekker Warm’. En dat dan in een ideale intieme setting, die het heilige vuur van dit doldrieste sextet alleen maar leek te versterken.
Na een handvol jaren buiten (lees: op feesten en festivals) te hebben gespeeld verkent De Wereldband dit seizoen nadrukkelijk de overlevingskansen in het theater. Met – conform de codenaam – een muzikale reis over zo’n beetje de hele aardkloot. Alle karakteristieke broedplaatsen worden op flitsende wijze aangedaan en met grote trefzekerheid in de imitatie, waarin ook de humoristische noot zorgvuldig is gedoseerd. Terwijl je nog zit te gniffelen over een raak potje country-geknauw (van eerste zanger én acrobaat Willem van Baarsen) is De Wereldband alweer een regio verder in Portugal. Net als je denkt ‘In dit bijna complete overzicht zou toch het Arabische lied niet mogen ontbreken’, komt er ineens een in zijn mobieltje jammerende sheik (violist/zanger Ro Krauss) voorbij, die de hele tent laat gieren.
Een vergelijking met het Groot Niet Te Vermijden is bijna niet te vermijden maar pakt voor De Wereldband allerminst nadelig uit. Allereerst omdat de muzikale bagage van deze club, bestaande uit dertigers met stuk voor stuk een conservatorium achtergrond, imponerender is. Gezessen wordt er gejongleerd op en met wel twintig instrumenten. Dat gebeurt met een flair die alleen de ware beheerser aandurft. Daarnaast spat van De Wereldband een kwajongensachtige frisheid af, zoals die alleen bij bands in opkomst voorkomt. Dat ze nergens uit de bocht vliegt zal deels te danken zijn aan Karel de Rooij ofwel Mini van Maxi, die heeft getekend voor de regie van dit eerste programma voor het rode pluche. De Wereldband is nog lang niet zo theatraal, maar heeft alles om zich te ontwikkelen tot een veelzijdiger opvolger van dat koningskoppel.